Vertrouwen in Anticonceptie
De betrouwbaarheid van je anticonceptie is natuurlijk van cruciaal belang. Het vermijden van een ongeplande zwangerschap is in de meeste gevallen de voornaamste reden om anticonceptie te gebruiken. Tegenwoordig kunnen vrouwen kiezen uit een breed aanbod van anticonceptiemiddelen. Heel wat van die middelen zijn voor meer dan 99% betrouwbaar. Jammer genoeg is geen enkele anticonceptiemethode 100% betrouwbaar. Als je begrijpt hoe en waarom anticonceptiemiddelen kunnen falen, kun je gemakkelijker een geschikte methode kiezen. Daarmee voorkom je de nare gevolgen die een falende anticonceptie - en eventuele afbreking van een zwangerschap - met zich mee kunnen brengen.
Anticonceptie kan op twee manieren falen.
Soms faalt een anticonceptiemethode zelfs bij correct gebruik ervan. Gewoon omdat het niet doet wat het hoort te doen. Dit aspect van betrouwbaarheid wordt onderzocht in klinische studies en uitgedrukt als het aantal zwangerschappen per 100 vrouwen die de methode gedurende een jaar gebruiken. Artsen noemen dit de Pearl-index. Bijvoorbeeld: als een anticonceptiemiddel een Pearl-index heeft van 1%, dan zou dit betekenen dat gemiddeld 1 vrouw op 100 zwanger wordt terwijl ze het middel gebruikt gedurende een jaar. Anders geformuleerd: de methode zou in dit geval voor 99% betrouwbaar zijn.
De meeste hormonale anticonceptiemethoden hebben een Pearl-index van minder dan 1 en zijn dus zeer betrouwbaar. Het niet-hormonale spiraaltje heeft ook een zeer lage Pearl-index. Andere niet-hormonale methoden zijn doorgaans minder betrouwbaar. Het condoom heeft bijvoorbeeld een Pearl-index van 3,3. En dat cijfer is dan nog gebaseerd op een correct gebruik!
Een tweede reden voor falende anticonceptie komt vaker voor: het onjuist gebruik van een methode. Het falen treedt op doordat een methode niet naar behoren wordt gebruikt in overeenstemming met de instructies. In het algemeen is er bij methoden die met een bepaalde regelmaat actie vereisen, of die tijdens het vrijen moeten worden gebruikt, veel kans op onjuist gebruik.
De pil kan bijvoorbeeld vergeten, of te laat ingenomen worden. Ze kan ook overgegeven of gebruikt worden met geneesmiddelen die de betrouwbaarheid ervan verminderen. (Problemen bij de dagelijkse inname van de pil vormden trouwens een belangrijke aanleiding voor de ontwikkeling van modernere, niet-dagelijkse hormonale anticonceptie) Condooms kunnen verkeerd worden aangebracht. Het diafragma of pessarium kan fout worden ingebracht of te snel worden verwijderd.
Dus als je overweegt een anticonceptiemethode te gaan gebruiken, zoek dan op wat de Pearl-index ervan is. En niet vergeten: hoe lager de Pearl-index, hoe betrouwbaarder de methode. En nog belangrijker: stel jezelf de vraag of je in staat bent om de methode correct te gebruiken... en of ze echt past bij je levensstijl.